Als het dak van een bedrijfshal instort, stelt de eigenaar de constructeur en een montagebedrijf aansprakelijk. Kansloos, oordeelt de rechtbank: de eigenaar heeft te lang getreuzeld om deze procedure te starten.
Voor de uitbreiding van een bedrijfshal schakelt een BV een constructeur en een montagebedrijf in. Zo’n drie jaar na de oplevering stort een deel van het dak in na heftige regenval. Schade: € 800.000. De BV stelt het montagebedrijf en de constructeur aansprakelijk maar die wijzen dat af. De BV legt het geschil voor aan de rechtbank Oost-Brabant.
Verjaring
Het montagebedrijf komt er goed mee weg. In de algemene voorwaarden van dit bedrijf staat dat de rechtsvordering tot schadevergoeding één jaar nadat de opdrachtgever heeft geprotesteerd verjaart. Tussen aansprakelijkheidstelling en de dagvaarding zit meer dan twee jaar. De BV had het montagebedrijf wel gevraagd om te overleggen over de kwestie maar dat heeft geen stuitende werking. Het beroep van het montagebedrijf op de verjaring slaagt en daarom heeft de BV van deze partij niets meer te vorderen.
Onredelijk bezwarend
Kan de BV de schade wel verhalen op de constructeur? In zijn eigen algemene voorwaarden staat dat diens aansprakelijkheid vervalt door verloop van vijf jaren vanaf de dag waarop de opdracht door voltooiing is geëindigd. Dit beding is onredelijk bezwarend, stelt de BV, en moet daarom worden vernietigd.
Vervaltermijn
Daar is de rechtbank het niet mee eens. Het vervalbeding is een veelgebruikte voorwaarde, zeker in de bouwsector. Het vervalbeding is ook van belang voor de beroepsaansprakelijkheidsverzekering van de constructeur. Over het vervalbeding is tijdens de onderhandelingen gesproken en toen zei de BV hier niets over. Daar komt bij dat de BV, ondanks juridische bijstand van haar verzekeraar en later van een advocaat, binnen vijf jaar geen procedure is gestart – dit komt voor eigen risico. Het beding is dus niet onredelijk bezwarend. Een vervaltermijn kan niet worden gestuit of verlengd. De BV heeft de constructeur dan wel tijdig aansprakelijk gesteld, maar de dagvaarding is pas ruim twee jaar later uitgebracht. Daarmee is de vordering van de BV op de constructeur vervallen.
Redelijkheid
De BV vindt ook dat de constructeur zich naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet kan beroepen op het vervalbeding. De BV heeft een hoge vordering op de constructeur, zodat het beroep op het vervalbeding voor haar grote gevolgen heeft. Maar dit maakt, aldus de rechtbank, het beroep op het vervalbeding niet onredelijk. Een vervalbeding dient met name de rechtszekerheid voor de partij die haar hanteert, hier de constructeur. Als afhankelijk van de hoogte van de vordering een beroep op het vervalbeding zou worden gepasseerd, komt dat in strijd met die rechtszekerheid. Nu de constructeur zich kan beroepen op het vervalbeding, worden ook de vorderingen van de BV op hem afgewezen. De BV zal de schade zelf moeten betalen.