Nevenaanneming stelt hoge eisen aan coördinatie en planning. De rechtbank oordeelt in deze uitspraak dat afspraken over planning, ook als zij tijdens bouwvergaderingen worden gemaakt, afdwingbare verbintenissen zijn.
Bij een nieuwbouwproject van een appartementengebouw met 29 studio’s sluit een opdrachtgever een aannemingsovereenkomst met een gevelaannemer voor prefab houten gevels, dakranden en buitenkozijnen. De aanneemsom bedraagt € 694.540. Wanneer het werk achterloopt en er gebreken zijn, ontbindt de opdrachtgever de overeenkomst. Hij vraagt vervolgens aan de rechtbank Zeeland-West-Brabant de ontbinding te bevestigen en te bepalen dat de aannemer verantwoordelijk is voor de schade.
Nevenaanneming
Bij het nieuwbouwproject was sprake van nevenaanneming. De opdrachtgever sloot meerdere aannemingsovereenkomsten met verschillende aannemers. De coördinatie van het werk werd opgedragen aan een bouwkundig aannemer. In deze constructie is goede afstemming essentieel. Juist omdat de werkzaamheden van de verschillende aannemers nauw op elkaar moeten aansluiten, moeten zij zich strikt houden aan de overeengekomen planning.
Bindende afspraken
In de aannemingsovereenkomst staat nadrukkelijk dat het werk op tijd moest worden uitgevoerd. Dit stond niet alleen in één van de overwegingen, maar ook als een zelfstandige verbintenis in de overeenkomst. De opdrachtgever heeft het belang daarvan ook mondeling tijdens bouwvergaderingen onder de aandacht van de gevelaannemer gebracht. Tijdens die bouwvergaderingen werd ook de concrete planning besproken. Naar het oordeel van de rechtbank zijn deze afspraken en planning bindend.
Kozijnen te laat
Ondanks de duidelijke afspraken heeft de aannemer de kozijnen later geleverd dan afgesproken in de bouwvergaderingen. Daardoor is de gevelaannemer tekortgeschoten in de nakoming van de overeenkomst. Een beroep op ontbrekende EPDM-voorzieningen (een soort dakbedekking) helpt niet: volgens de rechtbank waren deze voorzieningen niet aangebracht omdat de gevelaannemer niet duidelijk was over zijn planning.
Gebreken aan waterslagen
Daarnaast zijn de waterslagen afgekeurd en is herstel uitgebleven. Rapporten van deskundigen wijzen op technische tekortkomingen, zoals onvoldoende speling en het ontbreken van een rubber achter het kopschot. Wanneer de opdrachtgever na aansprakelijkstelling om een concreet werkplan vraagt, levert de gevelaannemer een plan dat door de coördinator wordt afgekeurd omdat het te weinig specifiek is en coördinatie onmogelijk maakt. Ook hier is de aannemer volgens de rechtbank tekortgeschoten.
Ontbinding terecht
De combinatie van de verlate levering van de kozijnen en de niet herstelde, gebrekkige waterslagen rechtvaardigt volgens de rechtbank de ontbinding. De rechtbank verklaart voor recht dat de aannemer is tekortgeschoten, dat de ontbinding gerechtvaardigd is en dat de aannemer aansprakelijk is voor schade. Die schade wordt niet meteen begroot, maar wordt verwezen naar een aparte procedure (de ‘schadestaatprocedure’). Het is voldoende dat aannemelijk is dat schade is ontstaan. Alleen het feit dat de studio's als gevolg van de vertragingen later dan gepland in gebruik kunnen worden genomen, is naar het oordeel van de rechtbank aannemelijk gemaakt.