Wanneer je als ondernemer of privépersoon financiële problemen hebt, kan het voelen alsof de schulden zich blijven opstapelen en er geen uitweg meer is. Rekeningen blijven liggen, betalingsachterstanden lopen op en de druk van schuldeisers neemt toe. Wat nu? Moet je een faillissement of surseance van betaling aanvragen? In deze situaties verlies je (gedeeltelijk) de regie doordat een curator of bewindvoerder wordt aangesteld en daardoor vaak minder ruimte is om zelf met schuldeisers te onderhandelen.
In zo’n situatie kan een schuldeisersakkoord een belangrijke stap zijn richting rust en herstel. Het kan uitzicht bieden op een nieuwe financiële start en meer rust voor de toekomst.
Er zijn twee soorten: een buitengerechtelijk en een gerechtelijk schuldeisersakkoord. In dit artikel leggen we je in een sneltreinvaart uit wat een schuldeisersakkoord is, de verschillen tussen een buitengerechtelijk en een gerechtelijk schuldeisersakkoord en de voor- en nadelen van beiden.
Buitengerechtelijk schuldeisersakkoord
Een buitengerechtelijk schuldeisersakkoord is een manier om een faillissement (of een surseance van betaling) te voorkomen. Dat wil zeggen dat de schuldenaar en al zijn schuldeisers samen afspraken maken zonder tussenkomst van de rechter. Je biedt als schuldenaar alle schuldeisers een bedrag aan ter finale kwijting. Vaak is dat maar een klein percentage van de totale openstaande schuld, waarbij het resterende bedrag wordt kwijtgescholden.
Gerechtelijk schuldeisersakkoord
Ook in de gevallen dat er sprake is van een faillissement of surseance van betaling kan er door de schuldenaar een akkoord worden aangeboden aan zijn schuldeisers. Doordat er in de gevallen van een faillissement of surseance van betaling een curator of bewindvoerder is betrokken, verliest de schuldenaar mogelijk wel speelruimte voor onderhandelingen met zijn schuldeisers omdat de curator of bewindvoerder ook betaald moet worden voor zijn werkzaamheden. Maar ook de andere schulden – ontstaan tijdens het faillissement of surseance van betaling – moeten geheel worden voldaan.
Een ander groot verschil met het schuldeisersakkoord bij faillissement of surseance van betaling is dat er een bekrachtiging van de rechter nodig is. De zogenaamde homologatie. Dit brengt nogal wat extra kosten met zich mee.
Zijn er voordelen van een schuldeisersakkoord bij faillissement of surseance van betaling?
Het is denkbaar dat niet alle schuldeisers akkoord gaan met het schuldeisersakkoord. Sommige schuldeisers zijn over te halen, sommige niet. Deze weigerende schuldeisers kunnen door de rechter worden gedwongen akkoord te gaan met het aangeboden akkoord. Een zogenaamd dwangakkoord. Bij een buitengerechtelijk schuldeisersakkoord is dat niet mogelijk en moeten alle schuldeisers akkoord gaan om het schuldeisersakkoord te laten slagen.
Waarom zou de schuldeiser akkoord gaan?
In veel gevallen gaat er al een lang incassotraject vanuit de schuldeiser aan vooraf, waarbij geen of weinig vooruitgang wordt geboekt. Schuldeisers hebben geen behoefte aan een betalingsregeling van een x-aantal maanden, waarbij het maar de vraag is of deze door de schuldenaar kan worden voldaan. Voor een schuldeiser kan een schuldeisersakkoord een manier zijn om toch nog een deel van de vordering terug te ontvangen. Het alternatief is een faillissement, waarbij de meeste schuldeisers achteraan in de rij komen te staan bij bijvoorbeeld overheidsinstanties, zoals de Belastingdienst. De kans dat de schuldeiser dan nog iets van zijn geld terugziet, is klein.
En nu?
Nu duidelijk is wat een schuldeisersakkoord inhoudt, rijst de vraag hoe zo’n traject er in de praktijk uitziet. Wat kost een schuldeisersakkoord? Welke bijkomende kosten zijn er? En hoe bied je een akkoord aan schuldeisers aan? In de volgende artikelen ‘Wat kost een schuldeisersakkoord?‘ en ‘Hoe werkt een schuldeisersakkoord in de praktijk?’ wordt hier nader op ingegaan.