Valse kunst – de kwetsbaarheid van de internationale kunsthandel

Kunst en cultuur, Intellectuele eigendom Datum: 11 maart 2016

Hoe bescherm je je tegen valse kunst?

De Beltracchi zaak behoort misschien wel tot de grootste kunstfraudeur processen ter wereld. De Duitse kunstschilder en vervalser Wolfgang Beltracchi maakte sinds de jaren 70 schilderijen in de stijlen van onder anderen Max Ernst, Heinrich Campendonk, Max Pechstein en Kees van Dongen. Beltracchi verzon twee kunstcollecties, die zouden bestaan uit schilderijen waarvan werd gedacht dat ze verloren waren gegaan. Hij richtte hiermee voor zover bekend rond 40 miljoen schade aan. Het Beltracchi proces toont op een bijna amusante manier de gevoeligheid van de internationale kunsthandel; een vergaande ondoorzichtige markt. De vraag is: hoe kun je je tegen vervalste kunst beschermen?

Ook in Nederland zijn gevallen van kunstfraudeurs bekend. Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft in 2015 over een dergelijke zaak uitspraak gedaan (ECLI:NL:GHARL:2015:2108). In deze zaak ging het om het volgende: na de aankoop van twee sculpturen van de Franse kunstenaar Edgar Degas en de Zweedse kunstenaar Anders Zorn, bleken de sculpturen vervalsingen te zijn. De koper vorderde terugbetaling van de aankoopprijzen. Hij legde daaraan ten grondslag dat de sculpturen niet beantwoorden aan de koopovereenkomst en stelde daarom dat hij gerechtigd was deze overeenkomst op grond van non-conformiteit te ontbinden. Zowel de verkoper als het veilinghuis weigerde de koop terug te draaien. De rechtbank oordeelde in eerste instantie dat ontbinding van de koopovereenkomst voor de sculptuur van Degas rechtsgeldig is en dat de aankoopprijs terug moet worden betaald. In hoger beroep komt appellante op tegen de toewijzing van de vordering tot terugbetaling. Bij de einduitspraak bekrachtigt het hof de ontbinding van de koopovereenkomst op grond van non-conformiteit. Naar het oordeel van het hof mocht de koper verwachten dat het bij de gekochte sculptuur om een echt werk van Degas ging. Toen bleek dat de gekochte sculptuur een vervalsing was, betekende dit dat het afgeleverde werk niet aan de overeenkomst beantwoordt. Op grond daarvan was de koper bevoegd de koopovereenkomst ten aanzien van deze sculptuur te ontbinden en terugbetaling van de aankoopprijs te verlangen.

In feite kunnen uit deze zaak drie componenten gehaald worden die bij een kunstaankoop van groot belang zijn: de onderzoeks- en klachtplicht van de koper, of het gaat om een gerenommeerd veilinghuis en of er een zogenaamde provenance, de geschiedenis over de herkomst van het werk, aanwezig is.

Onderzoeks- en klachtplicht van de koper

De koper heeft een zogenaamde onderzoeks- en klachtplicht om in de gegeven omstandigheden een redelijkerwijs van hem te verwachten onderzoek te verrichten. Indien van toepassing dient hij binnen bekwame tijd, nadat hij heeft ontdekt dat de afgeleverde zaak niet aan de overeenkomst beantwoordt, de verkoper kennis te geven van het gebrek. De kwalificatie van de term “binnen bekwame tijd” is afhankelijk van de omstandigheden van het geval, waarbij van belang zijn: de waarneembaarheid van het gebrek, de wijze waarop het gebrek aan het licht komt en de deskundigheid van de koper.

In de bovengenoemde zaak wordt duidelijk dat het gebrek niet zonder meer kenbaar was en een deskundigenonderzoek noodzakelijk was. De koper heeft een onderzoek naar de authenticiteit van de werken laten verrichten. Tevens heeft hij na constatering van het gebrek contact opgenomen met de verkoper.

Provenance en gerenommeerd veilinghuis

Het hof deelt het standpunt van de koper dat de omschrijving van de sculpturen in de verkoopbrochure de indruk wekt dat het om authentieke werken van de genoemde kunstenaars gaat. Volgens de veilingvoorwaarden betekent dit: “In our opinion a work by the artist”. Het algemene voorbehoud in de aanhef van deze bepaling (“Any statement as to the authorship, attribution, origin, date, age, provenance and condition is a statement of opinion and is not to be taken as a statement of fact”) doet niet af aan de verwachting van echtheid die aan de gekozen omschrijving kan worden ontleend.

Van essentieel belang is hier dat in de brochure bij de onderhavige kunstwerken geen zogenaamde provenance, de geschiedenis van de herkomst van het werk, was vermeld. In deze zaak heeft koper nadrukkelijk naar de aanwezigheid van een provenance bij deze sculpturen gevraagd. Daaruit valt op te maken dat hij zich het belang daarvan heeft gerealiseerd. Het niet aanwezig zijn van een provenance dient te worden beschouwd als een voorbehoud omtrent de authenticiteit.

Bovendien is van belang dat het veilinghuis een gerenommeerd veilinghuis is en daarom mag aan haar mededelingen over een aangeboden werk door een potentiële koper de nodige waarde worden gehecht.

Conclusie

Concluderend kan uit de uitspraak van het hof worden afgeleid dat bij een kunstaankoop, bijzondere voorzichtigheid in acht genomen moet worden met betrekking tot de onderzoeks- en klachtplicht, of er een geschiedenis van de herkomst van het kunstwerk aanwezig is en of het om een gerenommeerd veilinghuis gaat. De Beltracchi zaak maakt duidelijk hoe ondoorzichtig de internationale kunsthandel is en wijst de voorzichtigheid aan bij een kunstaankoop.