Inhoudsopgave

Schuldeiserscommissie niet bedoeld om declaraties curator te onderzoeken

Tijdens een faillissement verzoeken enkele betrokkenen om een schuldeiserscommissie in te stellen. Die moet onder andere het declaratiegedrag van de curatoren onderzoeken. Maar daarvoor is zo’n commissie niet bedoeld, oordeelt de rechtbank Noord-Holland.

Een papierproducent wordt failliet verklaard. Een oud-werknemer en twee schuldeisers maken zich grote zorgen over de wijze waarop de curatoren het faillissement afwikkelen. In hun ogen is het faillissement complex, onder andere vanwege het grote aantal getroffen schuldeisers, de impact op de werkgelegenheid (er werken ruim 240 mensen) en de internationale aard van het faillissement. Ze zetten vraagtekens bij de koopsom voor de activa (gedeeltelijk in de vorm van aandelen) en het feit dat curatoren veel tijd hebben besteed aan procedures tegen het doorstartende bedrijf en de moedervennootschap daarvan.

Verzoek

Verder hebben ze moeite met het declareergedrag van de curatoren. In de procedures lieten ze zich bijstaan door advocaten van hun eigen kantoor. De betrokkenen verzoeken de rechtbank Noord-Holland om een schuldeiserscommissie in te stellen, die onder andere moet bekijken of dit maatschappelijk aanvaardbaar is. Excessief declareren door de curatoren is nadelig voor de schuldeisers. De curatoren zien een schuldeiserscommissie niet zitten, de rechter-commissaris ook niet.

Schuldeiserscommissie

Een schuldeiserscommissie vertegenwoordigt de belangen van belangrijke groepen van schuldeisers en adviseert de curator(en). Zo’n commissie, bestaande uit schuldeisers, dient ertoe om hun te verzekeren dat zij invloed hebben in het faillissement. Of zo’n commissie er komt, is afhankelijk van de vraag in hoeverre een adequate afwikkeling van het faillissement daarmee gediend zal zijn. De kennis van de leden speelt daarbij een rol. Maar ook de rechtbank ziet geen meerwaarde voor de instelling van een schuldeiserscommissie, ruim drie jaar na de start van het faillissement.

Declaratiegedrag

Eén van de redenen: het faillissement is al grotendeels afgewikkeld. De oud-werknemer en de schuldeisers stellen wel dat een schuldeiserscommissie van belang is bij de afronding van de lopende procedures, maar waarom dan precies geven zij niet aan. En wat hun onderzoek naar de declaraties betreft: een schuldeiserscommissie is niet bedoeld om achteraf te onderzoeken of curatoren juist hebben gehandeld.

Harmonisatierichtlijn

De oud-werknemer en de schuldeisers wijzen ook op de Europese richtlijn tot harmonisatie van bepaalde aspecten van het insolventierecht. Die richtlijn moet ook leiden tot harmonisatie van regels voor schuldeiserscommissies: bij een verzoek moet zo’n commissie worden ingesteld, tenzij er uitzonderingen zijn maar die doen zich hier niet voor. Zo’n commissie heeft dan wél de taak de activiteiten van de curatoren te onderzoeken, zoals hun declareergedrag. Maar de Harmonisatierichtlijn is nog niet omgezet in Nederlandse wetgeving, constateert de rechtbank. Bovendien: zo’n schuldeiserscommissie zou lopende activiteiten van curatoren kunnen onderzoeken, met het doel te kunnen bijsturen en invloed te hebben op de vereffening, en is niet bedoeld voor een onderzoek achteraf. De schuldeisercommissie komt er dus niet.

ECLI:NL:RBNHO:2026:6804

Bron:Rechtbank Noord-Holland | jurisprudentie | ECLI:NL:RBNHO:2026:6804 | 08-06-2026

Facebook
LinkedIn
Print
X

Meer weten?

Neem contact met ons op!

Mail