Kan een rechter worden gewraakt tijdens een informeel bemiddelingsgesprek in een faillissementszaak? Volgens de wrakingskamer kan dat inderdaad. Maar in deze zaak levert het uiteindelijk geen wraking op: van vooringenomenheid is geen sprake.
De zaak speelt in het faillissement van een BV. De curator houdt de bestuurder aansprakelijk voor het faillissementstekort. Daarom organiseert de rechter-commissaris een bemiddelingsgesprek met de bestuurder, zijn advocaat en de curator.
Bemiddelingsgesprek
Zo’n gesprek heeft geen wettelijke basis. Het is bedoeld om standpunten uit te wisselen en te kijken of een schikking mogelijk is. Ook kan het helpen bij de vraag of een procedure zinvol is. Aan het begin van het gesprek zegt de rechter dat het doel is dat er ‘zoveel mogelijk geld in de boedel voor de schuldeisers binnenkomt’.
Wrakingsverzoek
De bestuurder vindt dat deze formulering niet past bij de rol van de rechter-commissaris. Volgens hem lijkt de rechter daarmee de kant van de curator te kiezen, omdat het de taak van de curator is om geld voor de boedel binnen te halen. Hij verliest daarom het vertrouwen in de onpartijdigheid van de rechter en dient meteen een wrakingsverzoek in.
‘Behandelen’
De wrakingskamer van de rechtbank Noord-Nederland kijkt eerst of het wrakingsverzoek wel kan worden behandeld. Een rechter kan namelijk alleen worden gewraakt als hij of zij een zaak ‘behandelt’. Volgens de wrakingskamer moet dat begrip ruim worden uitgelegd. Elke rechterlijke bemoeienis met een zaak valt eronder. Ook een informeel bemiddelings- of hoor- en wederhoorgesprek. Dat zo’n gesprek geen wettelijke basis heeft, maakt dus niet uit. Het verzoek is daarom ontvankelijk.
Geen schijn
Daarmee is het verzoek nog niet gegrond. Volgens de wrakingskamer blijkt uit de aantekeningen van het gesprek dat de rechter haar opmerking meteen nuanceert. Ze zegt namelijk ook dat zij als rechter-commissaris alleen toezichthouder is en geen inhoudelijk oordeel geeft over de aansprakelijkheid van de bestuurder. In de informele context van het gesprek kan de opmerking daarom niet worden gezien als een teken dat de rechter al de kant van de curator kiest. Bovendien werd de rechter vrijwel direct gewraakt, waardoor zij haar uitleg niet verder kon afmaken.
Afwijzing
De wrakingskamer ziet daarom geen vooringenomenheid en ook geen objectief gerechtvaardigde vrees daarvoor. Het wrakingsverzoek wordt afgewezen.