Inhoudsopgave

Ontslag op staande voet na ziekmelding houdt geen stand

Een werkgever mag niet te snel concluderen dat een werknemer liegt over ziekte. Dat blijkt uit een uitspraak van het gerechtshof Den Haag. Een werknemer die zich ziek meldt vanwege knieklachten wordt na observaties door een bedrijfsrecherchebureau op staande voet ontslagen. Volgens het hof is dat ontslag niet rechtsgeldig.

De werknemer werkt sinds mei 2024 als vrachtwagenchauffeur van afvalcontainers. Een maand na indiensttreding meldt hij zich ziek omdat hij zijn knie heeft verdraaid. De werkgever krijgt twijfels over de ernst van de klachten. Zo ziet een leidinggevende dat de werknemer zonder krukken loopt en zelf auto rijdt. De werkgever schakelt een bedrijfsrecherchebureau in dat de werknemer enkele dagen observeert. Daarbij wordt gezien dat hij autoritjes maakt, zijn honden uitlaat en op een voetbalveld loopt.

Frauduleus ziekteverzuim

Volgens de werkgever bewijst dit dat de werknemer niet eerlijk is geweest over zijn beperkingen. Daarom volgt ontslag op staande voet wegens frauduleus ziekteverzuim. De kantonrechter vindt dat ontslag rechtsgeldig. Het hof denkt daar anders over.

Beperkingen

Het hof benadrukt dat de werkgever de arbeidsongeschiktheid van de werknemer niet betwist, maar dat het liegen over het wel of niet kunnen doen van het werk de werkgever tot het ontslag bracht. De werknemer heeft een medische voorgeschiedenis met knieproblemen en is eerder geopereerd. Ook stelt de arboverpleegkundige vast dat sprake is van beperkingen. Daarbij wordt aangegeven dat traplopen, langdurig lopen en zwaar werk beperkt mogelijk zijn en dat werkhervatting voorlopig niet verstandig is.

Observaties onvoldoende voor ontslag

Volgens het hof betekenen de observaties van de bedrijfsrecherche nog niet dat de werknemer liegt over zijn klachten. Dat iemand af en toe auto rijdt, een boodschap doet of zijn honden uitlaat, betekent niet automatisch dat hij volledig geschikt is om ook zijn zware werk als chauffeur van containers van bedrijfsafval te doen. Ook speelt mee dat de werknemer uitleg geeft voor zijn gedrag, bijvoorbeeld dat zijn klachten later op de dag erger worden en dat hij soms wel degelijk krukken gebruikt. Die uitleg weerspreekt de werkgever onvoldoende.

Aanvullend oordeel

Belangrijk is ook dat de werkgever geen aanvullend oordeel meer heeft gevraagd aan de bedrijfsarts of arbodienst nadat de observaties door de bedrijfsrecherche zijn gedaan. Volgens het hof ligt dat wel op de weg van de werkgever voordat zo’n zwaar middel als ontslag op staande voet wordt ingezet.

Vergoedingen

Het hof concludeert daarom dat geen sprake is van een dringende reden voor ontslag op staande voet. De werknemer krijgt daarom alsnog een gefixeerde schadevergoeding, een billijke vergoeding en een transitievergoeding toegewezen. Ook moet de werkgever de proceskosten betalen.

ECLI:NL:GHDHA:2026:1558

Bron:Gerechtshof Den Haag | jurisprudentie | ECLI:NL:GHDHA:2026:1558 | 11-05-2026
Facebook
LinkedIn
Print
X

Meer weten?

Neem contact met ons op!

Mail