Inhoudsopgave

Gemeente moet kosten bestuursdwang goed onderbouwen

Een gemeente mag de kosten van bestuursdwang verhalen op degene die een overtreding niet zelf beëindigt. Maar dan moet wel duidelijk zijn welke kosten daadwerkelijk zijn gemaakt en waarom. Dat bevestigt de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in een recente uitspraak.

Een eigenaar van een gemeentelijk monument krijgt van de gemeente een last onder bestuursdwang. Zijn woning verkeert in slechte staat. Er ontbreken dakpannen, het dak is niet waterdicht, vluchtwegen zijn geblokkeerd door opgeslagen spullen en de woning is ernstig vervuild door dierenuitwerpselen. Nu de eigenaar de gebreken niet op tijd herstelt, laat de gemeente de werkzaamheden zelf uitvoeren en brengt de kosten bij hem in rekening.

Handhaving terecht

De eigenaar stelt dat de gemeente niet had mogen ingrijpen. De Afdeling gaat daar niet in mee. Losliggende dakpannen kunnen een gevaar opleveren voor omwonenden en regenwater kan op termijn schade veroorzaken aan het monumentale pand. Ook zijn de vluchtwegen in de woning geblokkeerd, waardoor bewoners en hulpdiensten bij brand gevaar lopen. De gemeente mocht daarom handhavend optreden.

Ontruimingskosten

Vervolgens kijkt de Afdeling naar de kosten die de gemeente wil verhalen. Een deel van de bezwaren van de eigenaar slaagt niet. Zo is voldoende onderbouwd dat de woning is gereinigd en dat de gemaakte kosten voor de ontruiming en afvalverwerking redelijk zijn.

Ambtelijke kosten

Anders ligt dat voor de ambtelijke kosten. De gemeente heeft een bedrag van ruim € 2.800 in rekening gebracht voor de inzet van ambtenaren, maar legt in eerste instantie niet uit welke werkzaamheden daarvoor zijn verricht en welk uurtarief is gebruikt. Daarmee is het besluit onvoldoende gemotiveerd. Pas tijdens de procedure bij de Afdeling verstrekt de gemeente alsnog een specificatie. Omdat die toelichting uiteindelijk voldoende is en de eigenaar die niet inhoudelijk betwist, mogen ook deze kosten alsnog worden verhaald.

ECLI:NL:RVS:2026:3352

Bron:Raad van State | jurisprudentie | ECLI:NL:RVS:2026:3352 | 09-06-2026
Facebook
LinkedIn
Print
X

Meer weten?

Neem contact met ons op!

Mail