In acht maanden tijd stal een werknemer € 30.000 van zijn werkgever. Die ontslaat hem op staande voet, wat de werknemer aanvecht: de werkgever zou dit ontslag te laat hebben gegeven.
Een man is sinds 2021 als vestigingsmanager in dienst bij zijn werkgever (een BV). Als daar een nieuwe directeur komt, vraagt deze de man waarom hij niet in- en uitklokt en hoe het afstorten van geld in zijn werk gaat, waarvoor de man verantwoordelijk is. De eigenaar van de BV had geklaagd dat hij elke maand veel geld moet bijleggen. Al snel blijkt uit camerabeelden dat de man geld in zijn broekzak stopte en dat hij meer uren in rekening bracht dan hij werkte. Hij wordt geschorst en snel daarna op staande voet ontslagen. Dat vecht de man aan bij de rechtbank Limburg.
Ultimum remedium
Een ontslag op staande voet is alleen geldig als daarvoor een dringende reden is. De rechter kijkt naar alle omstandigheden van het geval, dus ook naar de persoonlijke omstandigheden van de werknemer: hoe lang was hij in dienst en hoe heeft hij altijd gefunctioneerd. Een ontslag op staande voet is een ultimum remedium en mag alleen bij uitzondering worden gegeven. Dit moet ook ‘onverwijld’ worden gebeuren – dus direct of zo snel mogelijk.
Dringende reden
Deze werknemer heeft erkend dat hij geld van zijn baas ontvreemdde. Dit vindt de rechtbank een dringende reden voor ontslag op staande voet. Ontslag betekent voor de man: geen inkomen en geen uitkering. Maar het stelen van veel geld (€ 30.000) in acht maanden is dermate ernstig dat zijn persoonlijke omstandigheden niet kunnen afdoen aan de rechtsgeldigheid van dit ontslag.
Onverwijld
Is dit ontslag ook ‘onverwijld’ gegeven? Volgens de werknemer niet: hij kreeg dit pas te horen een week nadat de werkgever op de hoogte was van de diefstal. Het klopt dat de werkgever op die ‘eerste dag’ meldde dat hij geld miste maar ook dat hij nog geen idee had wat daarvan de oorzaak was. Twee dagen later ontdekte hij een afboeking in een kasboek, gedaan door de werknemer. De werkgever bekeek daarna camerabeelden, deed ander onderzoek en overlegde met zijn advocaat over mogelijke stappen. Voor de kantonrechter staat daarmee vast dat de werkgever niet al eerder concrete aanwijzingen had dat de werknemer de gelden ontvreemdde. De werkgever heeft voortvarend gehandeld, zodat deze het ontslag op staande voet onverwijld aan de werknemer heeft medegedeeld, en ook de reden van het ontslag.
Rechtsgeldig
Het ontslag op staande voet is rechtsgeldig gegeven. Uit de beschikking van de rechtbank blijkt niet of de werkgever ook nog achter de gestolen gelden gaat.