Een werknemer wordt betrapt op cocaïnegebruik. De werkgever stelt dat de werknemer zijn verslaving had moeten melden toen hij de baan aannam. Daar is de kantonrechter het niet mee eens.
Als een man een half jaar in dienst is, raakt hij arbeidsongeschikt. Enige tijd later ontdekt zijn werkgever dat de man verslaafd is aan cocaïne. Volgens de werkgever had hij dat moeten melden. Diezelfde maand vernietigt de werkgever de arbeidsovereenkomst, op basis van bedrog of dwaling. De werknemer vecht dit aan bij de kantonrechter van de rechtbank Rotterdam.
Bedrog
In de arbeidsovereenkomst stond dat ‘de werknemer verklaart dat hem geen medische belemmeringen, die aan een goede uitvoering van zijn functie in de weg staan, bekend zijn’. Maar volgens de kantonrechter staat niet vast dat de man door cocaïnegebruik niet in staat was om zijn werk uit te voeren. Daarom kon de werkgever de arbeidsovereenkomst niet om deze reden vernietigen. Er bestaat geen algemene plicht om een werkgever te informeren over een eventuele drugsverslaving, zo lang een werknemer het afgesproken werk kan doen. Het gaat erom of de man bij het aangaan van de arbeidsovereenkomst wist of had moeten weten dat zijn cocaïnegebruik zijn functioneren in de weg zou staan. Dat de man regelmatig te laat kwam en enkele keren een paar dagen ziek was, betekent nog niet dat dit komt door het cocaïnegebruik. En zelfs als de man disfunctioneerde, dan staat ook niet vast dat dat ligt aan de cocaïne. Kortom, bedrog is niet aan de orde en de vernietiging van de arbeidsovereenkomst op grond hiervan is niet rechtsgeldig. Om dezelfde redenen is geen sprake van dwaling.
Ontslag op staande voet
Niet alleen had de werkgever de arbeidsovereenkomst ontbonden (wat dus niet rechtsgeldig was) maar hij had de man ook op staande voet ontslagen. Ook dat is ongeldig, oordeelt de kantonrechter: daarvoor is geen dringende reden. Een dringende reden betreft één of meer eigenschappen of gedragingen van de werknemer die het voor de werkgever onmogelijk maken om door te gaan met het dienstverband. Volgens de werkgever was de dringende reden het verzwijgen van de cocaïneverslaving. Maar daarvoor moet vaststaan dat de man wist of had moeten weten dat het cocaïnegebruik hem ongeschikt maakte voor het werk, en dat heeft de werkgever onvoldoende onderbouwd.
Ontbinding
Opgeteld is de arbeidsovereenkomst blijven bestaan. De werkgever wil dat de kantonrechter die alsnog ontbindt. Dat gebeurt ook, omdat de arbeidsverhouding is verstoord. De werkgever is het vertrouwen in de man helemaal verloren. De arbeidsverhouding was al nooit optimaal, door de ziekmeldingen, het vele te laat komen en de ontdekking van de verslaving. Omdat de werkgever openheid had verwacht, is de arbeidsrelatie zeker verstoord. De kantonrechter ziet niet in hoe deze arbeidsverhouding weer goed moet komen en ontbindt de arbeidsovereenkomst.