Inhoudsopgave

Betalen van grafrechten maakt iemand nog geen rechthebbende

Wie de grafrechten betaalt voor een particulier graf, wordt daardoor niet automatisch rechthebbende op dat graf. Daarvoor is een schriftelijke bevestiging of overschrijving nodig. Dat oordeelt de rechtbank Overijssel in een recente uitspraak.

Na het overlijden van zijn zus in 2008 betaalt een man de grafrechten voor haar graf. Jaren later ontdekt hij dat hij niet als rechthebbende op het graf staat geregistreerd. Hij vraagt de gemeente alsnog om hem als rechthebbende aan te wijzen. De gemeente wijst dat verzoek af, waarna de man naar de rechter stapt.

Betaling is niet voldoende

De man stelt dat hij in 2008 rechthebbende is geworden, omdat hij de grafrechten heeft betaald. Volgens de rechtbank is dat niet voldoende. De Wet op de lijkbezorging bepaalt dat een uitsluitend recht op een particulier graf alleen schriftelijk kan worden gevestigd. Dat is in deze zaak niet gebeurd. Daarom is de man destijds geen rechthebbende geworden.

Geen geldige aanvraag

De man voert ook aan dat in 2008 wel degelijk een aanvraag is gedaan. Op het formulier voor de begrafenis had de begrafenisondernemer namelijk genoteerd dat de broer rechthebbende zou worden. De rechtbank volgt dat standpunt niet. Het formulier was uitsluitend bedoeld om de begrafenis aan te melden en niet om een grafrecht over te schrijven. Bovendien moest een aanvraag schriftelijk bij het college worden ingediend. De gemeente had de man destijds zelfs meerdere keren een aanvraagformulier gestuurd, maar dat heeft hij nooit ingevuld en teruggestuurd. Onder die omstandigheden kan niet worden gezegd dat een geldige aanvraag is gedaan.

Overschrijvingen blijven in stand

Omdat de man in 2008 geen rechthebbende is geworden, kan hij ook niet met succes opkomen tegen de latere overschrijvingen van het grafrecht naar andere personen. Zijn bezwaar was alleen gericht tegen de afwijzing van zijn eigen verzoek uit 2023 en niet tegen de eerdere besluiten uit 2013 en 2023. Die besluiten blijven daarom in stand.

ECLI:NL:RBOVE:2026:3921

Bron:Rechtbank Overijssel | jurisprudentie | ECLI:NL:RBOVE:2026:3921 ZWO 25/2439 | 07-07-2026
Facebook
LinkedIn
Print
X

Meer weten?

Neem contact met ons op!

Mail