Een opdrachtgever laat een businessplan, aangeleverd door een consultancybureau, beoordelen door ChatGPT. Die maakt er gehakt van. Maar van de beoordeling van ChatGPT klopt eigenlijk niets.
Een consultancybureau wordt door een vennootschap gevraagd een businessplan op te stellen. De offerte komt uit op € 188.000, de opdrachtgever moet dit steeds in termijnen betalen – het laatste deel als het businessplan klaar is. Maar de laatste deelfactuur wordt niet betaald, reden dat het consultancybureau naar de rechtbank Rotterdam stapt.
ChatGPT
De opdrachtgever stelt dat het businessplan inhoudelijk ontoereikend is. In juridische termen: de consultants zijn toerekenbaar tekortgeschoten in de nakoming van de overeenkomst. De opdrachtgever laat dit zien aan de hand van een document dat is opgesteld door ChatGPT. Dit AI-model kreeg de opdracht om te beoordelen in hoeverre het businessplan beantwoordt aan de offerte van de consultants. Hoofdconclusie van ChatGPT: het businessplan voldoet niet aan de kernvereisten die voortvloeien uit de offerte en uit best practices van de sector waarin de vennootschap opereert. Dit businessplan is volgens ChatGPT eigenlijk niet bruikbaar. Daarom kan de betaling worden opgeschorst, zo vindt de opdrachtgever.
Temperatuur
Ter zitting vraagt de rechtbank aan de opdrachtgever welke opdracht (prompt) precies aan ChatGPT is gegeven. Dat valt niet meer te achterhalen. Wel zegt de opdrachtgever ook dat deze processtukken heeft ingeladen. Ook wil de rechtbank weten welke ‘temperatuur’ is opgegeven in ChatGPT. Dat bepaalt mede hoe feitelijk, consistent en nauwkeurig de antwoorden zijn (bij een lage temperatuur) dan wel hoe creatief de antwoorden zijn, met meer risico op hallucinaties (bij een hoge temperatuur). De opdrachtgever geeft toe: er is geen temperatuur opgegeven, hij weet eigenlijk niet eens wat dat is.
Niet volledig
De rechtbank ziet ook dat een concept-businessplan in ChatGPT is ingevoerd, maar dat had geen bijlagen; de definitieve versie van het businessplan is niet ingevoerd. Dit heeft gevolgen voor het antwoord van ChatGPT, dat nu niet volledig kan zijn. De rechtbank negeert dan ook de analyse van ChatGPT en andere kritiek op het businessplan is er niet. Het beroep op toerekenbare tekortkoming in de nakoming van de overeenkomst door de consultants (‘het businessplan is inhoudelijk ontoereikend’) is daarmee onvoldoende gemotiveerd omdat er zonder het antwoord van ChatGPT vrijwel niets overblijft.
Niet opschorten
Omdat niet is aangetoond dat er iets mis is met het businessplan, kan de opdrachtgever de betaling niet opschorten: ook de resterende factuur moet worden betaald.